Barre tijden voor Europese spaarder; is er een oplossing?

De groeiende dreiging van boeterentes, stevige inflatiedoelstellingen van de ECB en de enorme waarde van vastgoed en obligaties: zowel de conservatieve spaarder als de doorgewinterde belegger maken zware tijden door. Een remedie voor al die financiële onzekerheid? Investeren in een universele vorm van rijkdom die minder van ECB-beleid en marktgrillen afhankelijk is. We hebben het hier natuurlijk over investeren in goud.
Laten we beginnen met het lot van de Europese spaarder, want degene die zijn appeltje voor de dorst veilig op een spaarrekening in de EU wil stallen is anno 2019 niet te benijden. Zeker als je bedenkt dat Jean Pierre Mustier, voorman van de European Banking Federation (EBF), tegen wie het maar horen wil pleit voor een negatieve rente op de spaarrekening voor spaartoegoeden hoger dan 100.000 euro.

Veilig geld parkeren

Betalen om geld te mogen stallen klinkt natuurlijk onwaarschijnlijk. Want normaal gesproken is een rekening waar je spaargeld op kunt zetten de plek te zijn waar je opgebouwde appeltje voor de dorst veilig is. Zonder spectaculaire meerwaarden natuurlijk, daarom is het immers een spaarrekening. Maar verliezen, puur om je geld te kunnen stallen, horen daar normaal gesproken natuurlijk ook niet bij.

Dreigende boeterente

Zover is het gelukkig nog niet, maar ook zonder de dreigende boeterente van de bankenlobby is de spaarder geen spekkoper. Veel spaarders hebben niet door hoe penibel de situatie nu al voor hen is. Met behulp van onderstaand rekenvoorbeeld wordt het al wat duidelijker. Omdat we er geen Nederlandse cijfers voorhanden zijn, richten we onze blik op onze zuiderburen:

Rekenvoorbeeld

Op alle Belgische spaarrekeningen samen, staat pakweg 280 miljard euro gestald. De rentevergoeding op dat enorme bedrag is naar schatting gemiddeld 0,15% per jaar. We zeggen gemiddeld, want de vergoeding kan natuurlijk nog lager uitvallen. Een groot aantal rekeningen biedt namelijk het wettelijk minimum van 0,11% als rentepercentage. Het is anderzijds wel zo dat kleinere spelers dikwijls iets meer rente aanbieden aan hun klanten. Maar zij hebben een kleiner stuk van de spaarmarkt in handen.

Schamele inkomsten

Terug naar de rekensom. 0,15% rente komt neer op een schamele € 420 miljoen aan rente-inkomsten in 2019 voor alle Belgische spaarders. Op een totale spaarpot van 280 miljard nou niet bepaald een goede oogst!

Inflatie doet waarde spaargeld dalen

Maar dat is nog niet alles voor de onfortuinlijke spaarder. De bankiers bij de ECB blijven immers hameren op een inflatiedoelstelling van 2%. Is goed voor de economie, zeggen ze. Dat kan wel zo zijn, maar dat geldt zeker niet voor uw spaargeld. Een inflatiedoelstelling van 2 % betekent dat de ECB er bewust voor kiest dat de waarde van het tegoed van Europese spaarders elk jaar met 2% afneemt.

Belgisch sommetje

Hoe werkt dat precies? Laten we weer even naar ons Vlaamse rekensommetje kijken: 280 miljard op spaarrekeningen is logischerwijs ook het komende nog 280 miljard euro, en daar kun je de rente van 420 miljoen euro nog bijtellen. Maar de koopkracht van die gezamenlijke spaartegoeden zal volgend jaar niet minder dan 5,6 miljard euro lager liggen door die door de Centrale Bank zo gewilde inflatie. Als je het koopkrachtverlies als gevolg van inflatie aftrekt van de positieve rente, zorgt dit voor de Belgische spaarders in de komende twaalf maanden dus naar schatting een verlies aan koopkracht van ongeveer 5,2 miljard euro!

Falend financieel systeem

Dit is overduidelijk het falen van een systeem. Onze economie barst immers van de schulden. Schulden die, als je het met de omvang van de economie vergelijkt, dusdanig groot zijn dat een terugkeer naar een eerlijke rente niet meer kan.

Trage groei

Onze economie groeit ook nog eens niet hard genoeg om hier ooit nog op eigen houtje uit te komen. Die lage rente en die jaarlijkse inflatie kunnen daarom pas veranderen als een financiële crisis ons volledige financiële systeem stevig door elkaar schudt. Een reset dus, die wellicht minder ver weg is dan het lijkt. Wie het wel en wee van de financiële markten bijhoudt, heeft misschien net als wij het gevoel dat er 'iets' staat te gebeuren.

Wat is het alternatief?

Want wat is goed een alternatief voor de spaarder? Eigenlijk zou je zeggen dat de conservatieve spaarder met zijn spaarpot zou moeten speculeren. Iets waar de gemiddelde Europeaan met wat spaargeld dikwijls niet op zit te wachten. Een risicomijdende spaarder is immers een heel ander slag dan de belegger die wel van een gokje houdt. Bovendien: zelfs de beleggers die niet vies zijn van een risico hier of daar zijn doorgaans wel slim genoeg om wat vermogen als spaargeld aan te houden.

En de belegger dan?

Dat gezegd hebbende: ook de belegger ontkomt niet aan het falende systeem. Want wie besluit zijn zuurverdiende spaargeld van de bank te halen om te gaan beleggen, heeft weinig alternatieven. De alternatieven die de meeste spaarders denken te hebben zijn namelijk niet de oplossing. We hebben het hier natuurlijk over aandelen en vastgoed. Geld stoppen in aandelen of stenen is historisch gezien een hele dure investering. En breek ons de bek niet open over de waanzinnige waardering van de obligatiemarkten. De verliezen die vanaf nu op obligaties moeten worden genomen zijn nog veel groter.

Er is een alternatief

Gelukkig is er hoop voor wanhopige spaarders en beleggers, want er is wel degelijk een alternatief. Je kunt namelijk het allerbeste kijken naar wat bankiers in Frankfurt en elders in Europa zelf doen. Voor centrale banken is het immers niet nodig spaargeld aan te houden. Wat heb je immers aan een voorraad geld als je dat geld gewoon zelf kunt bijdrukken? Maar waar de centrale bankiers wel graag hun rijkdom mee uitbreiden is een stokoude en wereldwijd erkende vorm van rijkdom. Eentje die je bovendien niet zomaar kunt produceren. Het gaat hier uiteraard over goud.

Let op goud

Sla de geschiedenisboeken er maar op na: wanneer er iets fundamenteel aan het systeem lijkt te gaan veranderen, heeft dat invloed op de waarde van goud. Naar verwachting overtreffen de gezamenlijke goudaankopen van centrale banken dit jaar een onwaarschijnlijke 750 ton aan goud. Alles bij elkaar naderen we 35.000 ton aan goudvoorraden. En dan hebben we het nog over de officiële voorraden. Het echte cijfer zou wel eens fors hoger kunnen liggen omdat landen als China en Saoedi-Arabië zeer waarschijnlijk meer reserves van het gele edelmetaal bezitten dan ze officieel in de boeken zetten.

Een logische redenering

Concluderend: is het dan wellicht het overwegen waard en een kwestie van gezond verstand om op zijn minst een basispositie in fysiek goud op te bouwen? Vandaag kon wel eens een uitstekend moment zijn om daarmee te beginnen

Cookies maken het eenvoudiger voor ons om onze diensten te leveren. Met het gebruik van onze diensten geef je ons toestemming om cookies te gebruiken.
Ok